De Tour de France is weer verreden. Het vroeg
uitvallen van de favorieten Froome en Contador maakte de weg vrij voor de
Italiaan Vicenzo Nibali, die nog weinig tegenstand ontmoette en als winnaar in
Parijs arriveerde. Het bleef voor duizenden toeschouwers toch het grootste
wielerspektakel van het jaar. Vooral de vele cols in de ronde spreken voor
duizenden toeschouwers tot de verbeelding. De tourhelden worden dan geroemd
voor hun geweldige prestatie op de vele zware hellingen.
Toch is het bedwingen van cols ook weggelegd voor
mindere goden. Ik sprak met de pure recreatierijder John Schut (65) lid van
wielerclub, en gelijknamig café, het
Pötterke uit Maastricht. Tot nu toe heeft hij 220 cols op zijn naam staan die
hij bedwongen heeft. Beklimmingen in Frankrijk, Italië, Spanje en Oostenrijk.
Veel van die bergreuzen heeft hij meerdere keren beklommen, in totaal zijn het
140 verschillende cols die zijn erelijst sieren.
John is een sporter pur sang, bij begon met wielrennen
in 1985, met vrienden op de camping. Daarnaast voetbalde hij al jarenlang en
bleef die twee disciplines ook jarenlang naast elkaar trouw. Vanaf 1985 reed
hij al diverse malen Luik-Bastogne-Luik, de Amstel Gold Race en diverse
buitenlandse klassiekers, maar nadat hij in 1995 de eerste keer de Alpe d’Huez
had beklommen kreeg het wielrennen de overhand. John: ‘’Ik ga ook niet zomaar een
lijstje met cols af maar ik rij tochten waarin steeds enkele cols tegelijk zijn
opgenomen, zo kom ik op 10 tot 12 cols per jaar’’. In Frankrijk reed hij bijvoorbeeld
4x La Marmotte, dat zijn de Col du Glandon, Col du Telegraphe, Col du
Galibier en de Alpe d’Huez. Deze tocht gaat met tijdwaarneming. Ik laat hem een lijst van
Franse cols zien en John lacht. ‘’Ik heb
die allemaal gereden, in de Vogezen, Jura, Alpen en de Pyreneeën. En natuurlijk
ook de Mont Ventoux in de Provence.’’ Hij vervolgt: ‘’In Oostenrijk heb ik de
Oetztaler Radmarathon gereden en die is met zijn 5500 hm en 238 km zwaarder als La
Marmotte. De slotklim de Timmelsjoch is
29 km lang. Ook reed hij de Trois
Ballons in de Vogezen , de Pantani in
les Deux Alpes alsmede de Dolomieten-maraton.
Die rit bevat de beklimmingen de Passo Campolongo (1875m), de Passo Pordoi (2249m),
de Passo Sella (1848m), de Passo di Giau (2236m) en de Passo Gardena (2121m)’’.
Ik vraag “En de Stelvio dan?” John lacht weer: ‘’Ook die staat op mijn lijstje
en ook de Gavia ’’. Hij gaat verder: ‘’Vanuit
Spanje heb ik de Col d’Envalira beklommen,
dan kom je uit in Andorra’’.
Het
zijn indrukwekkende prestaties voor een toerfietser. Ik vraag John of hij ook
geniet van de omgeving om zich heen. John: ‘’Neem als voorbeeld in de Alpen met
de beklimmingen van de Télégraphe en de Galibier, dan zie je ieder soort
landschap, bos, vergezichten maar ook de steenwoestenij boven de boomgrens’’.
Hij vervolgt: ‘’Maar ook als je op de Ventoux langs het monument rijdt van
Simpson of van Casertelli op Portet d’Aspet, dat doet je toch wel wat’’. (beide
renners bleven dood in de Tour).
De
plannen voor dit jaar liggen klaar. John gaat naar het gebied van Aix les Bains
en Chambery in de Alpen. ´´Daar zijn nog hellingen, zoals de Mont du Chat met
constant percentages boven de 10%, die ik nog niet heb gehad.
Aan
stoppen denkt John niet. ´´Zolang ik gezond ben, blijf ik fietsen, leeftijd
maakt niet uit´´. Zo te horen haalt hij ook de 300ste col.
Geen opmerkingen:
Een reactie posten