zaterdag 29 juni 2013

Knuffel



‘’Ik ga verhuizen’’, zei mijn zoon een paar weken geleden. ‘’Alweer’’, was mijn reactie. Sinds hij op 18-jarige leeftijd er voor koos het ouderlijk nest te verlaten is verhuizen een soort hobby van mijn zoon geworden. Volgens mij was het nu de 7e of 8e keer dat hij van woonstulp veranderde. Meestal in verband met werk, maar ook voor meer ruimte en comfort. Deze keer is dat zeker het geval. Zijn woonsituatie is geĆ«volueerd vanaf kamers via studio naar appartement, tot nu een volledig huis met voor- en achtertuin. Mooi natuurlijk maar bij iedere verhuizing van mijn zoon worden, naast zijn vriendenschare, ook wij steeds opgeroepen om te helpen. Dat betekent: sjouwen, heen-en-weer rijden, behangen en verven, vloeren leggen, boren in muren voor zijn talloze schilderijen en snuisterijen, poetsen, tot het oppas spelen voor de huiskat.

Enfin, samen met zijn vriendin, hebben ze nu een mooie woning met vooral veel ruimte en comfort. Ze zijn er in ieder geval erg tevreden mee en dan worden wij het vanzelf ook. Op de laatste dag dat we meehielpen, kwamen we een doos tegen met het opschrift: ’’slaapkamer’’. Er bleken knuffels in te zitten die ze klaarblijkelijk allebei vanaf hun kindertijd hadden bewaard. Zonder enige moeite herkenden we zijn knuffelbeertje en –hondje dat we hem als baby in zijn wieg hadden gelegd. Zo trouw vasthouden aan een slaapknuffel deed me toch wel iets. Want al zijn je kinderen volwassen, het blijven kinderen!


EFHA