maandag 19 november 2012


Speurtocht

Zondag 18 november 2012. SV Het Pötterke hield voor z’n leden een speurtocht door Maastricht. Na een eerste drankje gingen we, gewapend met een vragenlijst, op pad. Bij de allereerste vraag, zo bleek later, zaten we al fout. De ingemetselde kabouter, naast de woning Mariastraat 25 van Thei Dols (was hij dat?) zagen we over het hoofd(je). Dat de interpretatie van vragen belangrijk is bleek bij vraag 2. Hadden we het hier over ingangen of aantal deuren? Het was voor discussie vatbaar. De hoogte van het Dinghuis viel het beste te beschrijven te beschrijven als ‘’hiel hoeg’’. Overigens geeft de fotowebsite  http://www.fotosmaastricht.nl/geschiedenis/ding.htm
aan dat het Dinghuis 30 meter hoog zou zijn. Dus de 28 meter is ook voer voor discussie. We zochten de gevellantaarn BIJ het Dinghuis dus dat was ook fout. ‘’Trepkes op en trepkes aof’’ lukte ons nog wel maar bij de kabouter onder de 10e  baog stonk het zo dat we vlug doorliepen naar de naam van de eerste Romeinse brug. Het bordje goed lezen volstond. Op naar het standbeeld Pieke uit het boek van Bèr Hollewijn. Een pakje sigaretten was het antwoord. Toch staat op de volgende site dat het een stuk zeep zou zijn. http://www.mestreechtersteerke.nl/pagpiekestokstraot.htm
Verder! Wanneer ben je wel of niet in de Bernardusstraat? Wij hielden het aantal muurankers op 7, de jury op 6. Bij de Bisschopsmolen werd je tureluurs van het kijken naar de schoepen dus een foutje was snel gemaakt. En wie was de bakker van dienst? Dan wist je ook z’n naam. De breedte van het gat in de archiefmuur bracht ook discussie. Bekijk je dat als metselaar of als gewone sterveling? Gelukkig wist Mieke uit onze groep nog punten te scoren in de Begijnenstraat. ‘’Dat hèk kump vaanoaf de Aw Brök’’ zei ze en dat klopte. De Bijzondere Verrichtingen, de dames op het slappe koord, en het muntmikken in de broektrechter, lukte alleen ondergetekende niet. Het was voorbij! De kelderbar van Nico was een oase van gezelligheid en warmte. Niet alleen de sfeer maar ook  de erwtensoep was hartverwarmend. Terug naar het Pötterke waar de de jonge Maastrichtse zanger Roger sfeer en gezelligheid bracht. Het is tenslotte ook een zanger die van zijn publiek houdt. Bij het bekendmaken van de uitslag laaide de emotie weer op  maar dat ‘’Mestreechse gevreigel’’ hoort er bij. Toch blijf ik nu met één brandende vraag zitten: Waarom moesten sloffen meenemen: was dat alleen als je ‘’De puu kepot hats geloupe”. Ich weit ’t noe noch neet!
Frans Heckers
 

 

zaterdag 6 oktober 2012


Halteren


Op de rijksweg tussen Valkenburg en Maastricht wordt na het wereldkampioenschap wielrennen weer aan de weg gewerkt. De rijbanen moeten weer het normale patroon krijgen. Met grote gele borden wordt er ook een bijzondere boodschap aangegeven: ‘’Bussen halteren op de rijbaan’’.

Er zal uiteraard bedoeld worden dat de bus op de rijbaan stopt maar het klinkt meer onbegrijpelijk dan logisch. Ik denk dan eerder aan forse jongens in een sportschool met armen als jonge boomstammen die zware lasten boven hun hoofd tillen. Ik heb er de Van Dale eens op nageslagen maar die kent alleen het zelfstandig naamwoord halter. De gemeente Valkenburg aan de Geul staat echter niet alleen. Na wat Google zoekwerk blijkt ook de gemeente Epe (Gelderland) borden langs de weg te hebben met ‘’Bus halteert op rijbaan’’, wéér een nieuwe variatie!. En buurgemeente Epe-Heerde vermeldt weer doodleuk ‘’Bus stopt op rijbaan’’. Eindelijk gezond verstand, i.p.v. ambtenarentaal. Een waarschuwingsbord zou de verkeersveiligheid moeten bevorderen maar als moet nadenken over de betekenis is het effect weg,

Een paar weken geleden zag ik trouwens op dezelfde weg de Belgische toprenner Philippe Gilbert op magistrale wijze wereldkampioen worden.
Hij raasde met een snelheid de Cauberg op die ik normaal op de gewone weg haal en halterde (stopte) pas toen hij de meet juichend voorbijreed.
Gelukkig stonden die stomme borden er toen niet!

 

EFHA
Reacties: efha@kpnplanet.nl

donderdag 27 september 2012


Hout

 
Willy Aan den Boom is een fitte zeventiger met de looks van een zestiger. Hij straalt het ook uit, goed verzorgd en honderduit pratend over zijn vroeger werk, hobby’s en sport. Om fit te blijven maakt Willy vaak tochten met zijn racefiets in de omgeving. ´´Alleen´´, benadrukt hij, ´´ik rij op mijn routes altijd door, ga niet op een terras hangen´´.

Hij werd geboren in het Jekerkwartier van Maastricht (Ridderstraat) groeide op en ging naar de HBS aan de Helmstraat te M. (Dat mooie oude gotische gebouw is inmiddels afgebroken).

Hij studeerde chemie en ging als freelancer werken voor de biochemische fabrieken Bieva en Roan in België. Zijn hoofdtaak was de beheersing van schoon drinkwater door chemische toepassingen. Hij had zijn eigen klantenkring, had het altijd druk en bleef tot zijn 67ste doorwerken.

Eindelijk kreeg hij toen alle tijd voor zijn grootste hobby: het maken van houtsculpturen. Een bezigheid die jaren geleden begon op een Grieks strand met houtsnijden in takken van olijfbomen. Nu zijn gezaagde boomstammen zijn basis. Hij zit weer in zijn praatstoel: ‘’Allerlei soorten gebruik ik, kersen- wortelnoten- beuken- en eikenhout. Ook wel populier, maar dat is zacht en vaak ook rot’’. Willy’s favoriet onderwerp zijn koppen, mensenhoofden in een realistische maar tevens abstracte vormgeving. Moeiteloos laat hij in zijn woonkamer koppen zien van verschillende houtsoorten. ‘’Ieder soort hout heeft zijn eigen specifieke eigenschappen’’, zegt hij. In zijn garage staan een aantal boomstammen te drogen. ‘’Kijk’’, zegt hij, ‘’ik laat de bast zitten, als die begint los te laten in het droogproces bijna klaar’’. Willy doet de eigenlijke houtbewerking volledig met de hand. Hij laat me zijn werkplaats zien met en indrukwekkend aantal boomzagen, grote en kleine beitels, raspen en een hele verzameling gutsen. Hij tekent ook nauwelijks iets op het ruwe hout. ‘’Het ontwerp zit in mijn hoofd’’, zegt hij ‘’en terwijl ik beitel en kap komt het uiteindelijk resultaat vanzelf uit het hout tevoorschijn’’. De afwerking bestaat uit schuren, onderdompelen in permitrine-olie (tegen houtworm), drogen en tenslotte insmeren met bijenwas. Hij laat me een hele reeks beelden zien waarvan de diversiteit en fijne vormgeving indrukwekkend is. Willy heeft al eens geëxposeerd in Amsterdam en verkoopt ook regelmatig beelden. ”Toch is dat niet het doel’’, zegt hij, ‘’het beeldhouwen zelf blijft mijn grootste passie’’.

Één beeld zal Willy nooit verkopen. Een mooie kop (zie foto) die zijn overleden Hannie vrouw heel bijzonder vond. ‘’Doe die nooit weg!’’ heeft ze ooit gezegd. En Willy is een man van zijn woord, dát beeld blijft staan!


 

 

EFHA



Kleuren

 

Op een van mijn regelmatige fietstochten is de lus Borgharen – Itteren een vast onderdeel. Langs de normaal wat saaie weg tussen de twee dorpen is tegenwoordig veel te zien. De uiterwaarden langs de Maas zijn een onderdeel van het plan Grensmaas. Door uitbaggering ontstaan (net als bij Eijsden) grintmeren die de Maas gelegenheid bieden over een breder gebied haar water te laten uitvloeien. Voor de afvoer van zand en grint is zelfs een speciale weg aangelegd die door een viaduct en een brug een rechtstreekse verbinding heeft met de scheepskade aan het Julianakanaal. De altijd zo uiterst platte weg tussen Borgharen en Itteren telt nu zelfs een helling(tje).

De gemeente heeft, op voorspraak van de bewoners, zelfs bij de ontgrinders bedongen dat een nieuw fietspad is aangelegd langs de drie kilometer lange weg. Het nieuwe fietsasfalt wordt omlijst door vers omgewoelde grond en de planten, die we normaal onkruid noemen, schieten metershoog op. Geel raapzaad, witte valeriaan, blauw knoopkruid en vooral honderden rode klaprozen. De natuur heeft hier een veldboeket gepenseeld dat voor menig schilder een bron van inspiratie zal zijn. Ik ben zelfs even gestopt om een foto te maken. De geel en rood vecht om op de voorgrond te komen. Toen schoot me een gedachte te binnen uit een vroegere les kleurenleer: welke kleur krijg je als je rood met geel mengt: juist! En daar zouden we het niet meer over hebben!

 

 

EFHA

vrijdag 11 mei 2012

Trein


En weer gebeurde het! Na een leuk dagje Utrecht stapten we om halfacht in de trein richting Maastricht. We waren wat laat en ik vond het al vreemd dat de trein er nog stond. Toen werd omgeroepen dat onze intercity ook niet meer ging rijden. De NS zegt het altijd heel eufemistisch: wegens een aanrijding met een persoon is er geen treinverkeer richting Den Bosch meer mogelijk. Een reisadvies kregen we wel: de intercity richting Nijmegen en dan met Veolia via Venlo richting Roermond. Op het perron bleek al snel dat tientallen reizigers dat advies opvolgden. In een mum van tijd zat de trein mudvol. En dan gebeurt er iets vreemdst: er ontstaat een soort van samenhorigheid, mensen die samen hetzelfde lot ondergaan en spontaan met elkaar beginnen te praten. ‘’Hier is nog een plekje’’. ‘’Gaat u maar op mijn koffer zitten’’. ‘’Waar u moet overstappen? Oh, dat kan het best in Arnhem’’.

‘’En u wilt naar Eindhoven’’, nee dan is Venlo beter’’. ‘’Weet iemand op welk perron de Veolia-trein in Nijmegen staat’’. ‘’Op perron 1B’’. De smartfones maakten overuren, maar informatie was er!

Een oude vrouw telefoneerde haar kleinkinderen dat ze niet meer kwam en terug naar huis ging. Een bezorgde reiziger: ‘’Nu moet u dat hele stuk weer terug’’. Antwoord: ‘’Valt wel mee hoor, ik heb al in de Siberië-Express naar Peking gezeten, dat duurt wel wat langer’’.

In Nijmegen trok de hele groep in een  clubverband op naar de Veolia-trein. Die wagons zijn wel mooi en nieuw maar een stuk kleiner dan bij de NS. En weer waren de rijtuigen tjokvol, maar nu met een groep mensen die met elkaar vertelden alsof ze oude bekenden waren. De reistijd vloog om. Mijn overbuurman zei: ‘’Ik heb nog nooit in deze trein gezeten’’. Mijn repliek: ‘’Je hebt ook niks gemist’’. Toch kreeg Veolia nog een complimentje over de hoeveelheid reisinformatie die bij elke halte door de luidsprekers klonk. ‘’Daar kan de NS nog wat van leren’’. Toen mijn vrouw vroeg hoe laat we in Roermond zouden aankomen pakte een jongedame tegenover haar mobieltje en met een klikjes op het Touch-screen verscheen de tijd: 22.30. In Roermond wist ook iedereen van elkaar op welk perron de aansluitende trein vertrok: ‘’Ja, ja, op een’’. Die aansluitende trein was vrijwel leeg en de reizigers verdeelden zich over de wagons. Het drukke praten en de bijna-gezelligheid was weg.

Even later reden we in stilte Maastricht binnen.





EFHA
Reacties: efha@kpnplanet.nl

donderdag 10 mei 2012

Wiet



Sinds lange tijd zat ik weer eens in de trein van Eijsden naar Maastricht. Na een fikse wandeling vanuit M. en een stop bij café La Meuse was de trein het ideale terug-vervoer. Toen ik nog in Eijsden woonde zat ik dagelijks in die boemel. Er is ook nauwelijks iets veranderd; langs het perron stopten

dezelfde aftandse rode treincoupés als een paar jaar geleden. De NMBS beschouwt de lijn Luik-Maastricht duidelijk als onbelangrijk.

Er stond een groep wandelaars te wachten en door hun melig gepraat stapte ik in de volgende wagon. Tegenover me zat een jonge vrouw die een  Franstalige krant las, een Waalse dus. Ze zag er goed maar wat nonchalant uit: afgesleten zwart leren jack, vale spijkerbroek met brede pijpen, korte laarsjes en wat slordig rood geverfd haar. Ze keek even op en las verder in haar krant. Even later klonk het geluid van een SMS-je. Ze haalde een i-Phone uit haar tas en keek naar het bericht. Het beviel haar schijnbaar niet, ze mompelde wat en stopte het ding direct weer terug. Ik maakte voor mezelf een inschatting wat de jongedame ging doen in Maastricht. Werken? Nee, daarvoor was het te laat op de dag.

Uitgaan? Daarvoor was het weer te vroeg. Ik hield het erop dat ze op weg was naar een coffeeshop om wat Nederwiet in te slaan. Op het perron in Maastricht liep ik op mijn gemak de trappen omhoog en bij het verlaten van de stationshal zag ik haar voor me lopen. Uit nieuwsgierigheid lette ik op waar ze heenging. En inderdaad, linea recta gingen haar schreden naar een straat vlakbij het station waar een coffeeshop ligt. Ik kreeg gelijk! Het was 25 april, zouden ze in het Waalse ook weten dat op 1 mei de Wietpas ingaat? Ik denk van wel. De tamtams in die sector zorgen daarvoor.





EFHA
Reacties: efha@kpnplanet.nl